Handreiking Overheidsparticipatie: ‘We doen het samen’
De VNG heeft een nieuwe handreiking gepubliceerd over overheidsparticipatie: We doen het samen. De handreiking is bedoeld voor gemeenten die beter willen aansluiten bij initiatieven van inwoners – niet door zelf het initiatief te nemen, maar door mee te doen met wat er al in de samenleving ontstaat. Jitske Tiemersma, bestuurslid van de We Doen Het Samen Coalitie, ontving de handreiking uit handen van VNG-directeur Leonard Geluk.
In Nederland zijn miljoenen mensen actief in bewonersinitiatieven. Zij werken aan opgaven als energie, zorg, leefbaarheid en sociale samenhang. Steeds vaker nodigen zij gemeenten uit om aan te sluiten: als partner, ondersteuner of mede-uitvoerder. De handreiking biedt gemeenten handvatten om die rol bewust, gelijkwaardig en effectief in te vullen.
Van inwonersparticipatie naar overheidsparticipatie
Overheidsparticipatie verschilt fundamenteel van inwonersparticipatie. Waar inwonersparticipatie draait om meedenken over gemeentelijk beleid, gaat overheidsparticipatie uit van initiatieven van bewoners zelf. De gemeente sluit aan bij wat inwoners beginnen en beweegt mee met hun ideeën en energie.
Dat vraagt om een andere houding van de gemeente: niet sturen of beheersen, maar samenwerken. De gemeente is daarbij niet alleen regelgever, maar ook partner. Meedoen kan verschillende vormen aannemen, van het geven van advies of netwerkondersteuning tot structurele financiering of het overdragen van taken.
Maatschappelijke waarde centraal
Niet elk initiatief is automatisch van publieke waarde. De handreiking reikt daarom beoordelingskaders aan waarmee gemeenten kunnen bepalen of en hoe zij meedoen. Daarbij gaat het niet alleen om financiële efficiëntie, maar juist om maatschappelijke opbrengsten, zoals democratische legitimiteit, betrokkenheid en lokale meerwaarde.
Belangrijk uitgangspunt is dat toetsing bedoeld is om niet-passende initiatieven te herkennen, niet om waardevolle initiatieven te belasten met extra regels of verantwoordingslasten.
Overheidsparticipatie en de participatieverordening
Sinds 1 januari 2025 zijn gemeenten verplicht een participatieverordening vast te stellen. De VNG biedt hiervoor een uitgebreid model waarin ook overheidsparticipatie is opgenomen. Gemeenten kunnen hierin vastleggen hoe bewonersinitiatieven ondersteuning kunnen aanvragen, welke vormen van ondersteuning mogelijk zijn en hoe samenwerking wordt gemonitord en geëvalueerd.
De handreiking benadrukt dat gemeenten veel ruimte hebben om deze kaders lokaal in te vullen, passend bij hun eigen context en ambities.
Uitdaagrecht als recht op samenwerking
Ook het uitdaagrecht komt uitgebreid aan bod. In theorie kunnen inwoners hiermee gemeentelijke taken overnemen. In de praktijk blijken de drempels vaak hoog. De VNG kiest daarom voor een bredere interpretatie: het uitdaagrecht als uitnodiging tot samenwerking. Niet juridisch dichtregelen, maar actief zoeken naar kansen om samen te werken met initiatieven uit de samenleving.
Meegroeien met initiatieven
Bewonersinitiatieven ontwikkelen zich in fases, van eerste idee tot volwassen organisatie. Gemeenten kunnen hun ondersteuning daarop afstemmen, bijvoorbeeld door lichte ondersteuning in het begin en intensievere samenwerking naarmate een initiatief groeit. Dit vraagt om flexibiliteit, vaste aanspreekpunten en ruimte om te leren.
Voorbeelden uit gemeenten als Overbetuwe, Zwolle, Rotterdam en Apeldoorn laten zien hoe dit in de praktijk kan werken, met initiatievenloketten, initiatievenmakelaars en buurtbudgetten.
Eerste stap
De handreiking is tot stand gekomen in coproductie met gemeenten, bewonersinitiatieven, fondsen en andere betrokkenen binnen het programma SAMEN. Volgens de VNG is dit een eerste stap: overheidsparticipatie is volop in ontwikkeling en vraagt om voortdurende uitwisseling van ervaringen en voorbeelden.
Download: Handreiking overheidsparticipatie